Ik heb een verhaal voor je Kim, het misbruik uit mijn jeugd.

‘Ik heb een verhaal voor je Kim, het misbruik uit mijn jeugd’

Interview Kim van kooten en Pauline Barendregt artikelKim van Kooten wilde haar eerste roman schrijven. Maar waarover? ‘Nou, ik heb wel een verhaal’, zei haar vriendin.

Kim van Kooten (1974) is actrice en schrijver. Ze schreef onder meer de scenario’s van de films Alles is liefde en Alles is familie. Als actrice debuteerde ze in de film Zusje (1995). Onlangs speelde ze in de televisieseries Hollands Hoop en Missie Aarde. Ze is getrouwd met de acteur Jacob Derwig en heeft twee kinderen.

Toen Pauline Barendregt voor de eerste keer de roman Lieveling las, geschreven door haar vriendin Kim van Kooten, dacht ze: wat ontzettend zielig voor dat meisje. Waarop Van Kooten zei: Maar Pauline, jij bént dat meisje. Barendregt: ‘Ik antwoordde: dat weet ik wel, maar ik heb gewoon nog nooit op zo’n manier naar mijn eigen verhaal gekeken. Als ik aan mijn jeugd denk, denk ik aan losse flarden en anekdotes. Niet aan een verhaal met een begin, een midden en een eind. Ik vond het heel mooi, maar ik dacht ook: ach, gossie.’

Lieveling, de debuutroman van Kim van Kooten, verschijnt vandaag. Het boek, gebaseerd op het levensverhaal van Pauline Barendregt, gaat over het meisje Puck, dat met haar moeder intrekt in de enorme villa van ‘ome Meneer’, de nieuwe man van haar moeder. Puck is dan 5. Aan het einde van de eerste dag in het nieuwe huis doet ome Meneer haar in bad.

Actrice en scenariste Kim van Kooten (41) ontmoette Pauline Barendregt (46, ze adviseert modemerken bij hun designstrategie) op het schoolplein. Hun kinderen zaten bij elkaar in de klas, er ontstond een vriendschap tussen de twee gezinnen. Op een dag, in de tuin van Barendregt, vertelt Van Kooten dat ze graag een boek zou schrijven. Maar ja, voegt ze daar aan toe, dat roepen honderdduizend mensen, dat ze een boek willen schrijven, daarvoor moet je gewoon een heel goed verháál hebben.

Van Kooten: ‘Waarop Pauline de legendarische woorden sprak: ‘Nou, ik heb wel een verhaal.’

Misbruik

Uit Lieveling

‘Voel je hoe je gegroeid bent, Puck?’

Ik lig op mijn buik en tel in mijn hoofd in het Frans tot duizend. Papa en ik liggen in de Liberty de Luxe en mama ligt op een luchtbed in het campingzwembad. In de vakantie wil hij elke dag. Iedere ochtend, zodra mama naar het zwembad is vertrokken (lekker vroeg, dan heeft ze de beste ligstoel) ritst papa het slaapgedeelte weer dicht met hem en mij erin.

‘Voel je hoe je gegroeid bent?’

Vraagt hij nog een keer.

‘Ik hoop dat er genoeg wind staat vandaag’, zeg ik.

‘Vast wel. Lekker hè? Dit? Fijn hè?’

‘Ik heb zo’n zin om te surfen.’

‘Je rug is mooi bruin.’

‘Hoe laat gaan we naar het strand?’

‘Dat zien we wel. We maken dit eerst af.’

Dan hoor ik geritsel aan de voorkant van de tent.

‘Volgens mij komt er iemand’, zeg ik.

Papa hoort me niet, want hij hijgt en steunt. Dan klinkt de stem van mijn moeder: ‘Pikkedoos? D’r staat een enorme neger met een doos vol fantastische zonnebrillen aan de rand van het zwembad, ik moet geld.’

Tot die tijd had Barendregt haar vriendin niks verteld over het misbruik uit haar jeugd. Ze zegt daarover: ‘Ik had het er bijna nooit over met mensen. Niet omdat ik er niet over kan praten, maar als er vrienden kwamen eten en vroegen: hoe was het vroeger bij jou thuis?, dan vertelde ik dat niet. Anders was meteen zo’n hele avond naar z’n grootje.

‘Aan de andere kant, vanaf het moment dat ik op mijn 17de uit huis ging, wist ik dat ik iets met mijn verhaal wilde doen. Ik wilde het vertellen, maar niet in een dramatische biografie met een overbelichte foto van een zielig kind op de achterflap. Het moest iets moois worden, verteld vanuit het perspectief van het kind, en met humor. Na die middag in mijn tuin kon ik ’s nachts niet slapen van de opwinding. Ik dacht: als Kim mijn verhaal wil opschrijven, dan krijgt het precies de vorm en de toon die het zou moeten hebben. Het leek me waanzinnig. Maar ik wilde er alleen aan beginnen als Kim zou denken: dit wordt een prachtig boek. En niet omdat we vrienden zijn, of omdat ze het zo’n rotverhaal voor me vindt.’

Van Kooten en Barendregt maakten een werkafspraak. Ditmaal aan de keukentafel vertelt Barendregt over haar jeugd; hoe zij met haar tamelijk labiele moeder vanuit een achterstandswijk in Rotterdam verhuist naar de vermogende Ome meneer, handelaar in vouwwagens, hoe hij haar stelselmatig misbruikt, en hoe ze als klein meisje met dit vreselijke geheim omgaat.

Van Kooten: ‘Het was een intens gesprek. En wat ik zo bijzonder vond, was dat we in die tweeënhalf uur allebei heel hard hebben gehuild, maar ook heel hard hebben gelachen. Dit was gewoon een vreselijk goed verhaal. Ook omdat ik meteen zag dat het voor Pauline geen therapie was, het zou geen zelfhulpboek worden en ik zou niet haar therapeut zijn. Pauline benaderde het idee meteen vanuit het makersschap. Ze gaf me tijdens dat eerste gesprek al zo veel voedingsbodem voor de personages. Dat sprak mij, als scenarist, aan. Ik schrijf altijd vanuit de mensen, nooit vanuit de plot. De hoofdpersoon zat natuurlijk naast me, die was me al zo lief. En alle anekdotes van Pauline over haar moeder en haar familie waren erg inspirerend. Ik heb er veel bij verzonnen en dingen samengevoegd, maar al die kleurrijke personages, hun kern – dat is echt.’

Barendregt: ‘Ik heb altijd veel grappige verhalen en idiote situaties paraat gehad, dat was mijn manier om over mijn jeugd te praten. Zo kon ik uitleggen wat voor vrouw mijn moeder was bijvoorbeeld, of wat voor soort gezin wij waren, zonder meteen de heftigheid te hoeven raken.’

Van Kooten: ‘Tijdens dat eerste gesprek dachten we allebei: als dit lukt, dan maken we iets bijzonders, iets dat nog niet bestaat. Een verhaal dat je niet weg kunt leggen, dat je verschrikkelijk vindt, maar waar je ook om moet lachen, waar je je een zin later weer voor schaamt. Een boek dat je laat nadenken over je eigen jeugd, je eigen ouders, je eigen kinderen. Het raakt aan zo veel dingen.’

Lieveling is geschreven vanuit het perspectief van Puck. De lezer volgt haar van 1975 tot 1984. Hoe gingen jullie te werk?

Debuut Lieveling is het romandebuut van Kim van Kooten. Ze schreef hiervoor vooral scenario’s (Blind Date, Met Grote Blijdschap, Alles is liefde, Alles is familie). Ze zegt daarover: ‘Ook bij een scenario probeer ik vrij dwingend te zijn in hoe ik schrijf, maar daar gaat dan altijd nog een regisseur mee aan de slag, acteurs doen er hun ding mee, iemand verzint de aankleding. Een film is een soort gesamtkunstwerk. Dit boek is totaal iets anders. Het is er, ik kan er niks meer aan doen. Elke letter moest kloppen, ik heb over iedere komma duizend keer nagedacht. Mensen gaan er nu iets van vinden. Dat is eng. De een zal er meer mee hebben dan de ander, dat is logisch, maar omdat het me zo aan het hart gaat, zal het me ook meer pijn doen als mensen het niet mooi vinden.’

‘Ik heb een verhaal voor je Kim, het misbruik uit mijn jeugd’

Van Kooten: ‘Pauline wist meteen al dat het kind het hoofdpersonage van het boek moest zijn. Vervolgens moest ik kiezen vanuit welk perspectief ik zou schrijven. Ik heb de moeilijkste vorm gekozen, de eerste persoon enkelvoud, waardoor ik er als schrijver totaal in moest duiken. Maar dat moest ook, dat kon niet anders, anders vond ik het laf.’

Barendregt: ‘Kim is in mij gekropen.’

Van Kooten: ‘We hebben veel gemaild. Per jaar schreef Pauline mij wat er was gebeurd, welke anekdotes ze zich herinnerde. Hoe ze toen dacht, wat ze toen voelde. Op een gegeven moment werden de tussenpozen tussen onze mails langer, ik moest los van Pauline aan de slag, me haar stem eigen gaan maken. Schrijven moet je echt alleen doen, je moet in stilte naar binnen kunnen. Dat was balanceren tussen: ik wil allerlei dingen van jou hebben, maar als je ze gegeven hebt, moet je me laten, want dan ga ik ermee doen wat ik wil. Pauline moest mij alles vertellen, maar ik ben het verhaal steeds meer gaan uitbenen. Alle uitleg moest weg. Dat is zoeken geweest.’

Barendregt: ‘Als Kim me iets stuurde, moest ik het wel zes keer lezen om te kunnen beoordelen of het goed was voor het boek. Ik scande eerst: wat staat erin? Wat heeft ze gebruikt? Dan ging ik rustiger lezen, en nog eens, en nog eens, pas daarna kon ik reageren: dat personage denkt meer zo, denk daar eens aan.’

In hoeverre is het fictie?

Van Kooten: ‘Wij zijn de enigen die weten wat waar is en wat niet. Maar we waren het er samen over eens dat het een echte pageturner moest worden, ik heb absoluut trucs toegepast om dat voor elkaar te krijgen. Ik heb personages verzonnen en groter gemaakt, mensen bij wie je hoopt dat Puck haar geheim gaat delen: zeg het dan tegen ze, zeg het dan. Zoals een kind bij de poppenkast roept: Jan Klaassen, achter je!’

Het boek heeft als ondertitel: ‘Naar een verhaal van Pauline Barendregt.’ Vanwaar deze formulering? Waarom niet anoniem?

Pauline Barendregt (1969) is eigenaar van het bedrijf Studio Button, dat modemerken adviseert over hun designstrategie. Eerder was ze hoofdontwerper bij Mac&Maggie en was ze tien jaar Head of Design bij G-Star. Ze werkt als lecturer Branded Design aan de modeacademie in Arnhem. Barendregt woont samen en heeft drie kinderen.

Van Kooten: ‘Ik heb dat ook gevraagd aan Pauline: waarom wil je met je gezicht naar buiten? Mensen weten straks zo veel van jou.’

Barendregt: ‘We hebben daar bewust voor gekozen. Ik ben heel trots op het boek. We hebben er vier jaar aan gewerkt en het is nog mooier geworden dan ik had kunnen bedenken. Ik vind dat je open moet zijn over dit onderwerp. Er is niks om je voor te schamen, het is maar net in welk nest je geboren wordt. Ik wil kunnen laten zien: dit is weliswaar met me gebeurd, maar met mij is het nu oké. Ik zou het veel erger vinden als mensen zouden fluisteren: ‘Ken je dat boek van Kim van Kooten? Wist je dat dat eigenlijk over Pauline gaat?”

Van Kooten: ‘Het zou ook oneerlijk zijn. Pauline is niet slechts het onderwerp. Ze is medemaker.’

Heb je mensen willen beschermen, Pauline?

Barendregt denkt even na. Dan: ‘Nee. Ik ben op mijn 17de uit huis gegaan, ik heb geen contact meer met mijn ouders. De man in kwestie is inmiddels overleden. Ik voel me vrij om dit te maken. Ik vind ook dat ik dit mag.’

Het boek heeft geen happy end.

Uit Lieveling

‘Nou’, zegt hij dan. ‘Daar ga je.’ Hij pakt me onder mijn oksels om me over de badrand te tillen. Als ik er bijna ben, tilt hij me weer terug.‘Hm’, zegt hij. ‘Dat kan handiger.’ Hij moet me op wel tien verschillende manieren vasthouden en optillen om erachter te komen wat de handigste manier is. ‘Potverdikkie,’ zegt hij na elke mislukte poging.

Ik lach bij elke potverdikkie harder. Als hij de handigste manier gevonden heeft – met één hand onder mijn billen door – zwiept hij me over de rand het water in, tussen de eendjes en de bootjes. Allemaal nieuw en allemaal voor mij. Maar ik mag er niet te lang mee spelen, want ik moet ook nog gewassen worden. Dat duurt lang. Het water wordt langzaam koud. Als ik er eindelijk uit mag krijg ik het nog kouder, omdat er geen handdoeken zijn. Hij droogt me af met zijn handen. In de verte hoor ik Conny Vandenbos.

Van Kooten: ‘Het is niet van: nou mensen, gelukkig liep alles goed af. Dat zou het onderwerp tekortdoen.’

Barendregt: ‘En tegelijkertijd is er wel een happy end, want ik heb een heel gelukkig leven.’

Van Kooten: ‘Het happy end zit naast me! Maar waar we eerlijk over wilden zijn: shit happens, en zelfs als er zulke vreselijke dingen gebeuren, heeft een kind de veerkracht, en in Pauline’s geval ook de intelligentie en de humor, om er goed uit te komen.’

Barendregt: ‘Het klinkt misschien raar, want de voedingsbodem was heel lelijk, maar wat er is gebeurd heeft me ook veel gegeven. Ik ben erg gefocust, ik weet precies wat ik wil en wat ik niet wil. Ik ben al jong in een soort toeschouwerspositie gekropen, waardoor ik creatief ben geworden. Ik kan goed relativeren en om de dingen lachen. Ik vind het leven oprecht heel erg leuk.’

Terwijl, als je het verhaal van Puck leest, denk je: als dit je overkomt, dan ben je voor het leven beschadigd.

Barendregt: ‘Dat is niet zo. Natuurlijk heb ik geen goede start gehad. Daar ben ik in periodes van mijn leven best wel mee aan de slag gegaan.’

Je bedoelt therapie?

‘Ja. Soms heb je nodig dat iemand je helpt: hoe kijk ik nu naar wat er is gebeurd? Hoe ga ik ermee om? Ik heb het nooit weggestopt. Maar ik had tegelijkertijd ook zo’n zin om met mijn eigen leven te beginnen. De dag nadat ik mijn middelbare schooldiploma heb gekregen, ben ik uit huis gegaan. Toen ik in Amsterdam kwam, hoorde ik de hele tijd filmmuziek in mijn hoofd, zo van: tatatata, tatatataaaa – daar gaan we!

‘Ik heb het contact met mijn moeder en stiefvader verbroken, en ik kan oprecht zeggen dat mijn jeugd eigenlijk geen rol meer speelt in het leven dat ik nu heb. Ik kijk er soms naar, naar het verleden, het heeft me gevormd, maar het is niet iets wat me dagelijks beïnvloedt. Dit boek is vanuit kracht gemaakt. Vanuit die kracht kan ik erover praten en erover vertellen. Ik ga niet getergd door het leven.’

Ik heb het contact met mijn moeder en stiefvader verbroken, en ik kan oprecht zeggen dat mijn jeugd eigenlijk geen rol meer speelt in het leven dat ik nu heb

Wat zou er volgens jou moeten gebeuren ter voorkoming van kindermisbruik?

Barendregt: ‘Het is belangrijk het erover te hebben. Dat het bestaat. En niet alleen in een kelder in het buitenland, maar recht onder je neus. Het is zeker niet gemakkelijk om voor elkaar te krijgen dat een kind het aan je gaat vertellen, maar als je ervoor openstaat en er op een genuanceerde manier over kunt praten – niet vanuit paniek of hysterie – dan kun je een vertrouwenspersoon zijn voor een kind. Met je eigen kinderen zou je moeten proberen zo’n band te hebben dat ze meteen naar je toe komen, als er iets naars gebeurt.’

Hoe moet dat in gezinnen waar ouders die rol niet kunnen vervullen, zoals in het geval van Pucks moeder?

Barendregt: ‘Je hebt docenten op school, huisartsen, familie.’

Van Kooten: ‘Een kind moet gezien worden. Hij moet in het zwembad liggen en weten: mijn moeder staat daar en als ik die kant op kijk, dan ziet ze me. Dat kan niet altijd, maar ik probeer er zelf ook aan te denken: al ben ik hard aan het schrijven, ik probeer mijn kinderen elke ochtend naar school te brengen en er te zijn als ze thuiskomen. Niet iedereen kan zich dat elke dag permitteren, ik ook niet. Maar er zijn altijd momenten dat je je kind het gevoel kunt geven: ik zie jou. Bij Puck gebeurt dat nooit, er is niemand die ziet dat ze bang is, dat ze verdrietig is, of alleen.

‘Het moest overigens geen boek met een strenge les worden, zo van: mensen: let toch beter op! Maar ik wil wel degelijk iets vertellen of meegeven. Alleen heb ik geprobeerd dat zo subtiel mogelijk te doen, verpakt in een mooie scène, of een fijne dialoog. In Lieveling lopen genoeg personages rond die hun hand uit hadden kunnen steken. Een winkeljuffrouw, een huisarts, een tante. Maar ze doen niks. Dat veroordeel ik niet, dat is gewoon hoe het meestal gaat.’

Je schrijft met een lichte toon over heel akelige lotgevallen van iemand van wie je veel houdt. Hoe heb je dat voor elkaar gekregen?

Dankzij Pauline weet ik nu wat voor schrijver ik ben

Van Kooten: ‘Mijn toon is licht, maar dat is in dit geval verraderlijk. Ik wilde het melodrama vermijden, anders zou het een draak van een boek worden. Het gaf een enorme kick om te merken dat ik het stilistisch voor elkaar kreeg iets gruwelijks te vertellen dat tegelijkertijd een glimlach oproept. Dat is heel hard werken geweest, maar dat is wel gelukt.

‘Puck zegt ook nooit: hij is slecht, of: dat vind ik vervelend. Ze veroordeelt niemand, maar kijkt met verwondering en verbazing naar haar omgeving. Zo kan de lezer zelf een mening vormen.’

Barendregt: ‘Dat is ook precies de manier waarop een kind dingen beleeft. Als je terugkijkt, denk je: mijn God, wat vreselijk. Maar als je er middenin zit, weet je dat niet. Een kind weet niet dat het slecht is. Dat weet je gewoon niet. Dat herinner ik me ook. Hoe ouder ik werd, hoe meer ik me ging afvragen: is dit wel in de haak? Maar tegelijkertijd: hoe meer je beseft dat het niet klopt, hoe meer je je schaamt en hoe meer je je best gaat doen het geheim te houden.’

Van Kooten: ‘Dat was het moeilijke en tegelijk het interessante aan het schrijfproces: het hele psychologische raamwerk moest kloppen, maar het moest geen handboek worden. Dus ik heb geprobeerd de belangrijkste dingen zo te verpakken in de personages en de situaties, dat de lezer het niet opgedrongen krijgt. En dat wilde ik goed doen, voor Pauline. Dat is voor mij een heel avontuur geweest. Ik ben Pauline dankbaar dat ze mij haar verhaal heeft gegeven, want daarmee kon ik mijn stijl vinden. Dankzij haar weet ik nu wat voor schrijver ik ben.’Bron:Volkskrant.

Lieveling Lebowski, euro 19,99

Advertenties

Een gedachte over “Ik heb een verhaal voor je Kim, het misbruik uit mijn jeugd.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s